Item vd Maand April 2011

Het is alweer April, tijd voor een nieuw item vd maand.
Deze maand is Rob verantwoordelijk voor de keuze van item van de maand, en als Rob iets uitzoekt kan je er van verzekerd zijn dat het item van de maand iets heel speciaalts is.
Dus pak je rol Rollo 's erbij en lees gauw verder!
Ik heb mezelf een plezier gedaan!
Met een boek. Een boek! Je weet wel, een stapel faxen… Ben je er nog? Dan raad ik je aan dit stukje even te lezen…
Jarenlang heb ik met vole teugen genoten van de website www.peuteraar.nl
De Amsterdamse karpervisser Rolf Bouman schreef jarenlang onder het pseudoniem Rolo (de Peuteraar) bijna dagelijks zijn belevenissen en gedachtenkronkels in een soort blog vorm op zijn site. Ik heb het jarenlang met veel plezier gevolgd. Op onovertroffen Amsterdamse wijze uitte hij zich hierin. Het leuke eraan is vooral dat de beleving van het vissen centraal staat in zijn manier om deze hobby vorm te geven en dat komt tot uiting in zijn schrijfsels. Ook de stukjes die betrekking hebben op de, zoals hij het zelf noemt, randverschijnselen, hebben me vaak een dikke glimlach bezorgd. Herkenbaarheid ten top en een spiegel voor je giechel.
Dit in tegenstelling tot anderen die zich in tijdschriften en dergelijke verheffen door aan te geven via die en die boilie, bivvy, merk hengels en piepers overal de grootste vissen weg te vangen. De passie en beleving spatten van het scherm telkens als er weer een up op zijn site stond. Dat is voorbij, het blog is niet meer. Rolf heeft 94 van zijn stukjes geselecteerd en herschreven, gebundeld en in boekvorm uitgegeven. De titel: Duur Betaald (“vis hard, dril zacht”) is wat rest. Ik heb het direct besteld. Mocht je geïnteresseerd zijn, verwacht geen foto’s van dikke vissen, of glorieuze sessieverslagen, die staan er namelijk niet in! Het is beleving en passie dat centraal staat in een heerlijke verzameling korte verhalen. Hij richt zich in zijn voorwoord duidelijk tot de lezers:
“Uit principe schrijf ik seiken met een s. Ik seik namelijk graag
en spreek nooit de z uit. Dat heeft beide met mijn afkomst
te maken. Dat is mijn tekortkoming in dit boek. De rest gaat
over jou.”
Dat zegt waarschijnlijk wel genoeg. Om e.e.a. nog duidelijker te stellen hieronder een van de stukjes uit het boek:
Twee kwartjes
Dat gevoel alsof er een enorme hommel in je lichaam
rondbromt. Ken je dat? Dat gevoel van opwinding, de
wetenschap dat er iets aanstaande is waar je verdraaid veel

zin in hebt. Ken je dat gevoel? Maar dan dus wel zo veel zin
dat je er bijna niet van kan slapen, de afsluitkraan van de
adrenaline-pomp lijkt defect. Dat gevoel, die hommel dus. Ik
ken dat gevoel, ken jij het ook?
In de linnenkast. Daar werden steevast de kadootjes
verstopt. Vroeger thuis. Snoep zat altijd in de fonduepan
boven op het hoogste keukenkastje maar kado’s lagen of
links achter die geblokte slaapzak of anders rechts tussen de
ouwe theedoeken. Een abc-tje dus. Als mams en paps dan
even weg waren of anderzijds afwezig, dan werd het
keukentrapje uit de meterkast geplukt en kon het grote
gesnuffel plaats vinden. Tot die ene keer ging alles goed.
Al wat ouder was ik. En dus slimmer ook. In plaats van een
ellenlange waslijst aan kadootjes had ik dat jaar slechts 1
kado op mijn verlanglijstje gezet. Een skelter! Dan zou ik
immers zeker weten dat ik die zou krijgen! Maar twee dagen
voor mijn achtste stortte mijn wereld in. Ik vond een klein en
eigenlijk behoorlijk lullig doosje Lego. Het was nog niet eens
ingepakt!
Die nacht sliep ik niet. De hommel was een vieze,
donkerblauwe bromvlieg geworden. Ik was er echt goed ziek
van. Een heel jaar naar de kloten! Want je leeft immers een
jaar om weer jarig te worden en iets gruwelijks moois te
krijgen. Paps en mams kon ik natuurlijk niets laten weten,
dan was mijn geheim, of eigenlijk, hun geheim weg. Wat een
moeite kostte dat zeg.
Lijkbleek. Cowboyhoed op, plastic revolver op de heup, skailederen
westernvestje. En een spierwit bekkie. Blauwe
randen, dikke wallen. Rode ogen van het huilen. Zo begon
mijn 8e verjaardag. Mams dacht dat ik ziek aan het worden
was. Dat ik het al was, wist zij niet. Ziek van ellende
welteverstaan.
Het doosje Lego was nu ingepakt. Het papier belandde in
flarden op het goedkope vinyl naast de ook al niet te dure
salontafel van nep-natuursteen. Wat ik mompelde weet ik
niet meer maar het zal wel iets van "leuk zeg" zijn geweest.
De bromvlieg in mijn maag klom langzaam door mijn
slokdarm omhoog, op weg naar buiten. In zijn kielzog een
zure smurrie met zich meezeulend. Ik werd alsmaar zieker.
"Maar we hebben nog iets", riep mama opeens! "We
hebben iets wat nooit achter de slaapzak past", vervolgde
papa laconiek. Ik slikte de eerste golf van zuur net op tijd
terug, de versnelling was al aangezet en mijn middenrif bleef
halverwege hangen na die laatste opmerking. Twee kwartjes
vielen er op dat moment. Fuk nooit met paps en mams én
een hommel kan nooit zomaar een bromvlieg worden!
Morgen ga ik vissen. En ik heb een hommel in mijn buik. Ik
ken het beestje al wat jaartjes en ik mag hem wel. Als hij
gaat zoemen dan weet ik dat ik iets ga doen waar ik zin in
heb. Heel erg veel zin dus. Veel slapen zal ik niet vannacht
want ik ga vissen. En dat vind ik nou leuk.
Dit soort teksten zijn de reden dat ik mezelf een plezier heb gedaan.
www.duurbetaald.nl voor meer info
@Rolf, bedankt!
Comments:






